WINNAAR 2012

WINNAAR 2012: JAN LAUWEREYNS

Laudatio voor Jan Lauwereyns

Hemelsblauw is volgens de juryleden een bundel die in de weken tussen oktober en januari gegroeid is, een bundel waarin elk jurylid andere en nieuwe aspecten vond: humor en lyriek, het verweven van werelden en wereldbeelden, lef en ook elegische stilte, die parabolisch en toch niet moralistisch is en die geslaagd is in het combineren van wetenschap en poëzie. Een bundel die taal als voertuig hanteert om tot zorgvuldig opgebouwde gedichten te komen waarin ook zeker de emotie niet ontbreekt. Een bundel, zo beamen alle juryleden, waarmee de poëzie een nieuwe weg inslaat, een bundel die ons uitnodigt misschien wel geheel nieuwe horizonten te verkennen.

Deze vijf lange gedichten of cycli geven zich slechts langzaam prijs, irriteren door hun ongrijpbaarheid en fascineren in hun duisterheid. De bijzondere laatste cyclus, die voortkomt uit een gedicht van Wallace Stevens, bevat in dit opzicht kenmerkende regels: ‘Gif in mijn hart / De smaak van het geluid van het denken / Mijn weerstand tot moes / De zinnelijkheid van abstractie / De zinnelijkheid die alles wil / Geschonken licht / In mij / De noodzakelijke pols van Waarheid / Je sterreloze blauwigheid / De koelte van het meer’.

Van cyclus tot cyclus hanteert Jan Lauwereyns een heel andere stijl; elke reeks behelst een nieuw experiment, en daarvoor is durf nodig, veel durf. Toch is Hemelsblauw ook een doorgecomponeerde bundel. De dichter blijft in zijn oosterse, haast mystieke verkenningen, dicht bij zijn eigen reflecterende kern, van waaruit hij de taal transformeert. Als lezer ervaar je dit proces van transformeren zo intens dat je deel lijkt te hebben aan het schrijven zelf, hoe vreemd of geestig de sprongen in de gedichten ook zijn.

De lezer kan actief deelnemen aan de processen van het denken en dichten, maar kan ook de bizarre, hemelsblauwe schoonheid van beelden en klanken ondergaan. Je ziet flarden van herinneringen, toekomstbeelden, geluksmomenten en pijnlijkheden opkomen en weer verdwijnen; je kunt je hart ophalen aan de fugatische variatie van thema’s en motieven, de bezweringen, de aansporingen, de opsommingen, de nieuwe woordscheppingen.

Tot slot een citaat uit een lang gedicht, ‘Beharing’, dat zowel grappig als diepzinnig is, dat zoals de hele bundel uitnodigt om mee te associëren, om zoals de trilhaartjes in je oor voortdurend je hersenen te prikkelen:

De neus is een deel
Van de menselijke geschiedenis

Het baldadige gakken in het stille

De wraakgevoelens
De haartjes in de wind

Koestert ze niet

 

De jury van de VSB Poëzieprijs 2012
Kathleen Ferrier (voorzitter)
Astrid Lampe
Ton Naaijkens
Ester Naomi Perquin
Hans Vandevoorde