NOMINATIES



RITMISCH ZONDER STRING - ANTOINE DE KOM

ritmisch zonder string - Antoine de Kom  (Querido, 2013)

uit het juryverslag bij de nominatie

Antoine de Kom maakt vele vreemde werelden welhaast tastbaar, door zintuiglijkheid en krachtige beeldtaal te verenigen met slang en folklore. In die werelden explodeert zijn taal, die nu eens als een golf overspoelt, dan van schots naar schots springt of abrupt een stop forceert. Tegelijk laat De Kom een diep verankerd engagement zien. Het doet hem verwijzen naar harde realiteiten en – gelukkig – de spot drijven met de rol van de dichter. Inderdaad, zijn poëzie is ‘napraten over wat nog te gebeuren staat’.

 

 

 

eerst waren er kinderen later

kwamen de soldaten en die schoten in het zand.

er vielen stoelen om.

je blanco vellen waren weg.

je sprak hoewel het schieten alweer opgehouden was.

je sprak tot de soldaten in de taal des lands.

de kinderen staan zwijgend aan de kant.

dan is er weer de regen

zijn er weer bladeren waar je uit tevoorschijn stapt.

Je denkt waarschijnlijk weer aan alles

als je uit het brandpunt zuchtend heel dicht

naast me komt

dan fluister je een grapje

dat jij toverfee en ik kabouter was.

een nogal dwaze

kabouter met een dikke buik en met een kleine

witte baard en bijna bloot op één ding na:

dit lint van witte vellen zwevend van mijn linker

naar mijn rechterhand.

 

 

Antoine de Kom

uit ritmisch zonder string

 

Luister naar dit gedicht:

 

Biografie

Antoine de Kom werd geboren in Den Haag, in 1956, maar bracht de vormende jaren van zijn leven door in Paramaribo. Van zijn tiende tot zijn vijftiende ontdekte hij daar hoe groot het verschil kan zijn tussen zelfbeeld en imago, en verbaasde het hem hoezeer men er hem, kleinzoon van voorvechter van de zwarte zaak Anton de Kom, als ‘blanke Hollander’ zag. In zijn eigen woorden: ‘Mijn identiteit is veel donkerder dan hoe ik eruit zie’. De identiteitskwestie en zijn tropenjaren vormen dan ook de kernmotieven in het werk van De Kom.

 

Twintig jaar na zijn terugkeer uit Suriname debuteerde de dichter in 1991 met de bundel Tropen, die werd genomineerd voor de C. Buddingh’-prijs voor nieuwe Nederlandstalige poëzie. In de gedichten is de wereld veelkleurig, staat de zon fel aan de hemel, leven kolibries en mahoniebomen en wordt nauwelijks een beweging gemaakt, nauwelijks een geluid gehoord in de drukkende hitte die tot verveling leidt. Met de titel van de bundel verwijst De Kom echter niet alleen naar de geografische regio van zijn puberjaren. Hij refereert er ook aan de stijlfiguur waarmee gelaagdheid in zijn werk wordt aangebracht en waarmee de taal wordt verrijkt door aan nieuwe woorden nieuwe betekenissen te verlenen.

 

Meerduidigheid en identiteitskwesties bleven een bepalende rol spelen in het werk van Antoine de Kom, zowel in zijn dagelijkse werk als in zijn dichterschap. In een interview vertelde hij onlangs zich misschien wel vanwege zijn eigen verwarrende identiteit verwant te voelen met mensen die in rare situaties zijn geraakt. De Kom ontmoet ze tijdens zijn werk als forensisch psychiater in het Pieter Baan Centrum. Over de relatie tussen een psychiater en zijn patiënten publiceerde hij een bundeling fictieve gesprekken met historische misdadigers als keizer Nero en Osama Bin Laden in Het misdadige brein. Over het kwaad in onszelf. Als dichter noemt De Kom zichzelf wel ‘witte raaf’: Doordat zijn grootvader Anton de Kom, die zich sterk maakte voor het lot van slaven en de zwarte gemeenschap in Suriname, een blanke vrouw trouwde en ook zijn moeder blank was, is De Kom bleker dan veel Surinamers. De diverse kleuren in zijn familie komen terug in zijn tweede bundel, De kilte in Brasilia (1995). Ook in de titel van zijn bundel Zebrahoeven (2001) komt die connectie tussen zwart en wit tot uitdrukking.

 

In een interview vertelde De Kom ooit door zijn huidskleur vaak te worden aangezien voor iemand uit de mediterrane regio. De Kom lijkt zich daar thuis te voelen: zijn laatste bundel, ritmisch zonder string, bevat vele verwijzingen naar bezoeken aan landen rond de Middellandse Zee. Gedichten zijn ontstaan in Fès, Menorca, Istanbul of Damascus, verwijzen naar de presidentiële Syrische familie of hebben betrekking op de Sahara. Maar ook maakt De Kom er uitstappen naar Honduras, Kaapstad of Hawai. Evenals in eerdere bundels negeert hij klassieke versvormen. Daarentegen zoekt De Kom naar eigen zeggen de rand van de poëzie op. Hij doet dat met prozagedichten, gedichten als e-mailberichten en bijvoorbeeld de lange cyclus Saharazand, die bestaat vierregelige strofen met tekeningen van Julie Dassaud. Het is geëngageerd werk, al vertelde De Kom ooit ervoor behoedzaam te zijn de boodschap niet de overhand te laten nemen, zoals vaak gebeurt in Surinaamse poëzie. ‘De esthetiek slaat bij mij altijd weer de ethiek terug.’ 

Precies dat samengaan van engagement en esthetiek, het ‘tastbaar maken van vele vreemde werelden, door zintuiglijkheid en krachtige beeldtaal te verenigen met slang en folklore’ wordt geroemd door de jury van de VSB Poëzieprijs 2014.