NOMINATIES


GEERT VAN ISTENDAEL, HET WAS WAT WAS

Geert van Istendael - Het was wat was

(Atlas Contact, 2015)

Uit het juryrapport bij de nominatie: De vier afdelingen van de bundel Het was wat wasvan Geert van Istendael heten eenvoudigweg ‘Ding en dier’, ‘Bomen’, ‘Mensen’ en ‘Geld’. Van Istendael beschrijft inderdaad, met een zeer nauwkeurige blik, dingen en dieren, hij kijkt vol ontzag naar bomen en hij luistert nieuwsgierig naar zijn dialect pratende buren. Dat lijkt allemaal klein en idyllisch, maar door het heldere en stevige gebaar van Van Istendaels teksten weten we toch dat we met beide benen in de realiteit en het heden staan, zeker door de afsluitende cyclus in de bundel, die ons hardhandig, helder en geëngageerd confronteert met de actuele rol van het slijk der aarde.

‘Wij hebben exactheid geroken.’ Zo eindigt Van Istendael het gedicht Klokje boven keukendeur waarin het aflezen van de tijd de orde der dingen bewaart, zoals in het koken van de dagelijkse maaltijd. Van Istendael is een gul dichter. Hij geeft aan de dingen en de dieren – en in het bijzonder het dier mens – een ruimhartige hoeveelheid goed gekozen woorden en vergelijkingen om hun karakters te verrijken. Hij geeft daarmee ook de lezer een klinkende variant van de hem bekende wereld terug. Een wereld die zich in de details laat kennen, bevolkt met mensen die in (schijnbare) berusting hun eigenzinnigheid cultiveren. Ook in Het was wat was kiest Van Istendael voor het menselijke perspectief dat zijn eerdere werk zo kenmerkt. Hij laat zien hoe de mens naar de dingen kijkt, hoe de mens zich een plaats moet zoeken in de onvermijdelijkheid van de werkelijkheid. Dat perspectief uit zich in sympathie voor het alledaagse dat de mens en de hem omringende dingen aankleeft, zoals in de afdelingen Ding en Dier en Mensen, maar ook in de stellige en vlammende, met historische en bijbelse referenties doorspekte taal die de afdelingen Bomen en Geld hun kleur en overredingskracht geven. ‘Groei is eeuwen / eeuwen / dwangarbied’. Van Istendael haalt uit de alledaagsheid van het leven evengoed de tragiek naar boven. Die kan net zozeer in het onafwendbare schuilgaan (‘Peinst eens, april. Het is bijkans niet meer de moeite.’) als in de overmoed (‘Wie doet ons wat’). Van Istendael schrijft apodictische poëzie. Onweerlegbaar.

Kees 't Hart introduceert Geert van Istendael from Poetry International on Vimeo.

 

Mand

Van knot gekapt op griend. Geschild. Gekloven.
Gespreid. Geweekt. Door dauw en mist gekust.
Wis laat zich willig buigen, wacht met drogen
tot hij, gevlochten om een leegte, rust
en beidt wat komt. Pak koffie. Uien. Boter.

Kijk toch hoe onze taal dit ding bemint:
korf, mars, ben, paander, gondel, kaar, karbies.
Mand draagt meer namen dan een koningskind.

 

Luister naar het gedicht "De man die naast het frietkot woont"

Lees en luister hier naar meer gedichten van Geert van Istendael

Geert van Istendael – Schoenendoos https://vimeo.com/149387151

Geert van Istendael draagt voor Schoenendoos FINAL from Poetry International on Vimeo.

Geert van Istendael – De man die naast het frietkot woont https://vimeo.com/149387149

Geert van Istendael leest 'De man die naast het frietkot woont' from Poetry International on Vimeo.

Kijk toch hoe onze taal dit ding bemint

Download deze afbeelding en deel!